Nieuws

‘Dan zie je hoe dicht de krant op het lokale nieuws zit’

Commissaris van de Koning Jacques Tichelaar met zijn vrouw Koosje op de Haringparty.  © Wilbert Bijzitter Commissaris van de Koning Jacques Tichelaar met zijn vrouw Koosje op de Haringparty. © Wilbert Bijzitter

Commissaris van de Koning Jacques Tichelaar (1953) praat over de jubilerende Meppeler Courant vooral als abonnee en niet als ambtsdrager.

‘Als Boom zou stoppen met de krant, dan zou ik hem echt missen. Heerlijk vind ik het rustig thuis de krant te lezen en de laatste nieuwtjes uit de regio te vernemen.’

Sinds zijn huwelijk met Koosje Wijland is Tichelaar inwoner van Meppel. Het echtpaar woont in het prachtige Reestdal. Zijn interesse in lokaal nieuws beperkt zich echter zeker niet tot Meppel. Ook het lokale nieuws uit Staphorst, Westerveld en De Wolden neemt hij door. ‘Als ik iemand op straat tegenkom die in de krant stond vanwege zijn of haar huwelijksjubileum, dan knoop ik altijd even een praatje aan.’ 

De duidelijke indeling van de Meppeler vindt hij erg prettig. ‘Zo vind je snel het nieuws uit je eigen woonplaats.’ Sowieso oogt de 175-jarige krant modern, zo stelt hij. ‘Voor het nieuws uit de regio pakken mensen hun  lokale krant.  Zo dicht op de samenleving zitten, dat lukt het Dagblad van het Noorden niet.

Prachtig vond ik het dat Ton Henzen twitterde: “nog anderhalf uur wachten en dan weten wij wie de nieuwe burgemeester van Meppel is”. Heel snel na de bekendmaking dat Richard Korteland zou worden voorgedragen, bracht de Meppeler Courant al een heel verhaal. ‘Dan zie je hoe dicht de krant op het lokale nieuws zit.’ 

Een aanbod om tijdelijk de positie van hoofdredacteur te bekleden, wijst hij vriendelijk af. ‘Ik zou echt niet weten wat ik aan de krant zou moeten veranderen.’ Maar als eerste man van de provincie zou hij toch graag zien dat er meer nieuws over het provinciebestuur in de Meppeler zou staan, zo veronderstellen wij. Niets blijkt minder waar. ‘Nee, niet doen. Jullie kracht zit echt in het lokale nieuws. Nieuws over de provincie zou dat karakter laten verwateren.’ 

Het is een taak van media zoals RTV Drenthe en het Dagblad van het Noorden, zo vindt Tichelaar, maar ook daarvan zie je geen verslaggevers meer die exclusief het wel en wee van de provincie volgen. ‘De perstribune in de Statenzaal is steeds kleiner geworden.’

Momenteel wordt op initiatief van de provincie door wetenschappers van de Rijksuniversiteit van Groningen een onderzoek gedaan naar de positie van de journalistiek in Drenthe. Wat daar uitkomt, is nog niet bekend, maar Tichelaar veronderstelt dat Provinciale Staten niet snel akkoord zullen gaan met geldstromen vanuit de provincie naar commerciële uitgeverijen als Boom.

‘Je loopt risico’s door de pers te subsidiëren. Je moet je afvragen hoe financiële steun zich verhoudt tot onafhankelijke journalistiek. Juist die journalistieke onafhankelijkheid is een heel groot goed.’  Dat in Nederland overheden wel landelijke en regionale omroepen fors subsidiëren, ontkent de CdK natuurlijk niet. Hij lijkt echter begrip te hebben voor het standpunt van veel commerciële uitgeverijen dat de door belastinggeld gesubsidieerde omroepen van de advertentiemarkt horen te verdwijnen. En subsidie én advertentie-inkomsten leiden immers tot oneerlijke concurrentie.

Betrokkenheid

Dat de uitgeverij Boom al 175 jaar onafhankelijk is en als familiebedrijf het hoofd boven water weet te houden, vindt Tichelaar bewonderenswaardig.  Voor de regionale economie en werkgelegenheid is Boom van belang, maar misschien nog wel belangrijker is de diepe maatschappelijke betrokkenheid die het bedrijf toont.

Tichelaar wijst op de vele evenementen die Meppel rijk is  en hij vraagt zich af of deze zonder de Meppeler Courant en de betrokkenheid van Boom tot deze omvang hadden kunnen groeien. ‘Zelfs half Amsterdam kent de Donderdag Meppeldagen.’

Ook met directeur Mas Boom heeft de CdK veel te maken. ‘In het maatschappelijk leven van Meppel, maar ook als Kamerheer van de koning speelt hij op de achtergrond een belangrijke rol. Hij adviseert veel instanties, is nooit opdringerig en blijft ver verwijderd van eigenbelang.’

Iedere ochtend neemt Tichelaar op zijn smartphone het nieuws digitaal snel door. In het rijtje kranten en omroepen die hij noemt, komt de Meppeler Courant niet voor. ‘Nee, online volg ik die niet. Waarom eigenlijk niet? Ik zou het niet weten. Ik ben toch iemand die thuis geniet van zo’n fraai vormgegeven papieren product.’

Op de vraag of het papier nog toekomst heeft, doet Tichelaar geen uitspraak. ‘Ik zie dat veel kranten zijn verdwenen en andere het moeilijk hebben. Abonneeaantallen lopen terug en ook de omzet uit advertenties is niet meer zoals in het verleden. Ik weet het niet, maar ik denk dat dat bij de Meppeler niet anders is. Het is knap dat Boom nog steeds wegen weet te vinden om hier een gezonde business van te maken.’